Connie Roos, van vrijwilliger tot senior

De juiste snaar raken

Tekst: Eric Minten – Fotografie: Eric Minten

15-12-2021

Het is een klein kamertje. Twee bij nog wat. De trap op links. Rommel, waarvan je gevraagd wordt er vooral niet op te letten. Aan de muur, op pas-op-voor-je-hoofd-hoogte, een plankje met zilverkleurige trofeeën. Onder het raam een gitaarversterker. Aan de brom te horen staat hij hard. Routineus pakt ze haar gitaar en hangt ‘m om. Connie Roos (47) begon ooit als vrijwilliger bij de locatie Rivierenbuurt (WonenMet). Wilde wat anders, iets betekenen. Voor een ander en daarmee voor zichzelf. Nu is ze senior. “Ik heb nog nooit voor een vreemde gespeeld”, zegt ze. Haar hand trilt nerveus en draait de volumeknop met de klok mee. De brom wordt nog luider. Een geel glimmende plectrum in haar rechter.

Connie: “Ik had een kantoorbaan bij Payroll, zij verzorgden de salarisadministratie voor muzikanten, licht- en geluidtechnici, cameramensen, enzovoorts. Het was niet de administratieve kant die mij het meest aansprak. Mensen helpen met het oplossen van hun problemen, door bijvoorbeeld voor iemand een voorschot te regelen, dat vond ik leuk om te doen.” Connie wilde na de middelbare school eigenlijk naar de Sociale Academie. Van huis uit werd ze gestimuleerd voor een kantoorbaan te kiezen. ‘Dan heb je altijd werk’, was de gedachte. Vandaar Payroll en later Spaansen. Toch bleef het knagen. Connie wilde een baan waarbij ze iets kon doen voor een ander.

Vrijwilliger geworden

“Dan ga je toch een keer met mij mee”, zei een vriend. Hij werkte bij Esdégé-Reigersdaal (WonenMet) als cliëntbegeleider. Connie: “Hij vertelde over de doelgroep waarmee hij werkte. Zelf wilde ik liever met jongeren werken of in de psychiatrie. Toch ging ik mee en ben gebleven als vrijwilliger. Zo leerde ik Bep kennen. Een lieve, wat oudere en vaak eenzame vrouw. Geen familie en weinig vrienden. Ze zocht iemand die dingen met haar wilde ondernemen. Dat ben ik gaan doen. Wandelen, winkelen, dagje Beverwijk, een boottochtje op het IJsselmeer met patat en een gehaktbal. En Holiday on Ice, ieder jaar weer. Gezelligheid was voor haar het belangrijkst en als ik haar zag lachen, gaf mij dat een goed gevoel.”

Kiezen voor mezelf

“Naast mijn werk bij Spaansen werd ik ADA (een medewerker die Algemene Dagelijkse Activiteiten begeleidt, red.) bij de locatie Rivierenbuurt van het cluster WonenMet. Ik wilde eerst weten of ik het werk en de doelgroep wel écht leuk zou vinden. Na een paar maanden kwam er een begeleidersfunctie vrij. Ik twijfelde of ik dat zou kunnen. Ik had geen enkel zorg gerelateerd diploma. Mijn clustermanager zag echter wel wat in mij. Ik solliciteerde en kreeg de baan. Zestien uur als begeleider. Het gevolg was wel dat mijn werk bij Spaansen mij steeds meer tegen ging staan. Ik deed het omdat ik ervoor geleerd had, maar ik miste de vrijheid en de voldoening die ik als begeleider wel kreeg. Uiteindelijk ben ik gestopt met mijn administratieve werk. Het kiezen voor een baan waar ook mijn hart lag, was voor mij een openbaring. Echt geweldig.”

Meer verantwoordelijkheden

Net als de functie van ADA was ook de rol als begeleider geen lang leven beschoren. Na anderhalf jaar kwam er een cliëntbegeleidersfunctie vrij die Connie mocht gaan invullen. “Ik heb er toen voor gekozen de opleiding SPW-4 te gaan doen. Ik wilde graag wat meer achtergronden weten. In het begin vond ik de nieuwe functie zwaar. Ik kreeg veel meer verantwoordelijkheden. Ineens had ik vier cliënten waarvoor ik ondersteuningsplannen moest schrijven en de lijnen uit moest zetten.”

"Het begint allemaal met het vinden van aansluiting"

De juiste snaar

“Het begeleiden van cliënten heeft wel wat weg van gitaarspelen. Als ik een bluessolo speel, lukt dat niet wanneer ik dat vanuit mijn hoofd doe. Zodra ik ga bedenken wat ik wil spelen, loop ik vast. Ik moet eerst de muziek voelen. Lukt dat, dan is iedere noot die ik speel raak. Zo ook bij cliënten. Het begint allemaal met het vinden van aansluiting. Je probeert aan te voelen hoe iemand zich voelt. Hoe zit iemand in z’n vel? Wat is zijn of haar stemming? Wat is de vraag achter de vraag? Om dat te kunnen doen moet je naast de cliënt gaan staan. Soms moet je daarvoor je eigen waarden en normen even loslaten. Er helemaal zijn voor de ander, zonder te oordelen. Empathie, betrouwbaarheid en kunnen relativeren zijn daarbij belangrijk. Je moet betrokkenheid kunnen voelen bij de cliënt. Wanneer ik een zware dienst heb gehad, zit mijn hoofd, bij thuiskomst, dan ook echt vol. Het maken van muziek helpt dan. Hierdoor kan ik alles loslaten en speel ik mijn hoofd leeg. Jezelf zijn, dat ik ook belangrijk. Op jezelf durven te vertrouwen. Op die manier weet je bij cliënten de juiste snaar te raken en kom je samen verder.”

Senior

Na elf jaar cliëntbegeleider geweest te zijn, diende zich voor Connie opnieuw een kans aan. “De toenmalige senior cliëntbegeleider ging richting haar pensioen en de combinatie van het bezig zijn met cliënten en het coachen van collega’s, leek mij wel wat. Ik ben in gesprek gegaan met mijn clustermanager. We hebben gesproken over hoe we de functie zagen. Vervolgens heb ik een jaar met de toenmalige senior-cliëntbegeleider meegelopen en heb ik een tweejarige coach-opleiding gedaan. Het coachen van collega’s is echt een andere tak van sport. Tegelijk geldt voor coachen van collega’s hetzelfde als voor het begeleiden van cliënten. Wanneer je wat voor een ander wilt betekenen, moet je eerst naast iemand gaan staan. Wanneer je dat doet, kun je iemand beter helpen. Je hoeft dan ook niet om de hete brei heen te draaien. Je kunt dingen gewoon benoemen, omdat het gebeurt op basis van gelijkwaardigheid.”

Fingerspitzengefühl 

Een van de belangrijkste dingen in het werk met cliënten en collega’s is dat je blijft kijken naar je eigen handelen. Dat geldt voor iedereen. Wanneer er iets niet goed gaat in het contact met een cliënt, is het altijd belangrijk om te kijken naar wat je zelf doet. Vaak is het makkelijker om te kijken naar wat een ander niet goed doet. Naar jezelf kijken is soms best confronterend. Wat heb je gezegd? Hoe keek je? Hoe zat je? Wat deed je? Heb je misschien toch die ene vraag gesteld waarvan je eigenlijk al voelde dat je ‘m op dat moment beter niet kon stellen? Het zijn allemaal dingen die een rol kunnen spelen. De cliënten waarmee we werken zien en voelen alles. Wil je hen kunnen begeleiden, is het kijken naar je eigen handelen o zo belangrijk. Uiteindelijk ontwikkel je zo je eigen fingerspitzengefühl, dat kun je niet leren uit boeken. Sommige mensen hebben dat van nature en anderen moeten daaraan werken.”

"Het werk heeft mij als mens veranderd, doen groeien"

Jezelf leren kennen

“Door het werk leer je jezelf heel goed kennen. Je gaat zien waarom je op een bepaalde manier reageert en waar dat vandaan komt. Het werk heeft mij als mens veranderd, doen groeien. Vroeger speelde ik drums. Dat vond ik prettig omdat ik niet dan niet op de voorgrond hoefde. Drummers zitten altijd een beetje achteraan. Door mijn werk als cliëntgebeleider moest ik ineens wel op de voorgrond treden. Nu speel ik gitaar. Het werk heeft mij hierin geholpen. Letterlijk. Voor mij waren de theoretische achtergronden daarbij wel belangrijk. Ik wil gewoon weten waar ik het over heb. Dat geeft houvast. Dat helpt mij. Uiteindelijk, en dat geldt voor iedereen, moet je het natuurlijk wel zelf doen.”

Blues

Dus…, nog nooit hoorde een vreemde haar gitaar. De versterker nog steeds oerendhard. Via haar telefoon start ze een begeleidingstrack. Drums en bas. Garry More leidt je langs zijn ‘Parisienne Walkways’ Ze kijkt naar haar snaren en plaatst haar vingers. Haar gezicht verdwijnt achter wilde blonde krullen en dan gaat ze los. Alsof er niemand anders is. Geen drumstel om achter te verschuilen. En ja, het gebeurt. Met muziek vertelt ze haar verhaal. Precies zoals de blues bedoeld is. Pijn, melancholie en rauwe romantiek snijden dwars door je ziel. Zij en Garry, Garry en zij. Haar vingertoppen raken moeiteloos de juiste snaren en trekken ze jankend krom. Fingerspitzengefühl avant la lettre…

Gerelateerde locaties

Delen? Graag!

Lees ook deze verhalen...

Eva Peereboom is vrijwilliger

“Vrijwilligerswerk geeft mij regelmaat en rust. Je kunt eigenlijk wel zeggen dat ik profiteer van wat ik bij Esdégé-Reigersdaal doe.” Eva Peereboom was anderhalf toen ze van de vijfde traptrede
Lees meer...

Arnoud Aikema na een jaar besturen

Tijdens een bezoek aan een locatie van Esdégé-Reigersdaal, ergens in Noord-Holland, kun je zomaar Arnoud Aikema tegenkomen, lid van de raad van bestuur. Misschien achter de laptop aan het werk,
Lees meer...

Eva Peereboom is vrijwilliger

“Vrijwilligerswerk geeft mij regelmaat en rust. Je kunt eigenlijk wel zeggen dat ik profiteer van wat ik bij Esdégé-Reigersdaal doe.” Eva Peereboom was anderhalf toen ze van de vijfde traptrede
lees meer...

Arnoud Aikema na een jaar besturen

Tijdens een bezoek aan een locatie van Esdégé-Reigersdaal, ergens in Noord-Holland, kun je zomaar Arnoud Aikema tegenkomen, lid van de raad van bestuur. Misschien achter de laptop aan het werk,
lees meer...

Postadres: Esdégé-Reigersdaal • Postbus 1065 • 1700 BB Heerhugowaard
Bezoekadres: J. Duikerweg 1 • 1703 DH Heerhugowaard
Telefoon: 0226 33 20 00 • info@esdege-reigersdaal.nl
Openingstijden: ma t/m vr: 8:00 – 17:30

:hover

 

Postadres:
Esdégé-Reigersdaal • Postbus 1065
1700 BB Heerhugowaard

Bezoekadres:

J. Duikerweg 1 • 1703 DH Heerhugowaard

0226 33 20 00 • info@esdege-reigersdaal.nl 

Openingstijden: ma t/m vr: 8:00 – 17:30

Copyright © 2022 – Esdégé-Reigersdaal
Stappenplan koffiedrinken

Bij mensen met een beschadigd brein, bijvoorbeeld bij dementie, kunnen onnodige prikkels en onrust leiden tot een gebrek aan concentratie of beangstigende situaties. De begeleiding van cliënten met een beschadigd brein is er dan ook vaak op gericht om afleidende en storende prikkels te vermijden. Het herkenbaar maken van activiteiten speelt daarbij een rol. Hieronder een stappenplan voor koffiedrinken. Door consequent het plan te volgen wordt de activiteit ‘koffie drinken’ herkenbaar en voorspelbaar. 

Stappenplan koffiedrinken

1. Koffie/thee kar klaarzetten met alles erop, dit voorkomt veel heen en weer geloop van de begeleider. Heen en weer lopen geeft onnodige prikkels en onrust bij de cliënt.

2. Deuren sluiten en een “Niet storen” bordje op de deur hangen, dit voorkomt dat mensen in en uitlopen.

3. Alles van de kar op tafel zetten, als dan de cliënten aan tafel komen staat alles al klaar. Dus minder prikkels. Begeleiders kunnen zich totaal richten op de cliënt en op het koffie drinken.

4. Cliënten naar vaste plaats aan de tafel begeleiden (eerst afstemmen, contact maken en dan verleiden!), kijk eerst in de ogen van de cliënt : ziet hij/zij je en waar kijkt hij/zij naar en hoe staan de ogen. Maak contact dmv toelachen, aanraken en vervolgens verleiden.

5. Muziek uitzetten (als cliënten niets zeggen, dan zachte muziek), pas uitzetten als iedereen aan tafel zit, omdat de hersenen dan wel bezig gehouden worden met het geluid (geen prikkel leidt tot angst en onrust).

6. Begeleiders gaan aan tafel zitten en blijven zitten. Ze drinken zelf mee (maar houden geen pauze!!). Begeleiders zijn gericht op de cliënten, ze praten niet teveel met elkaar, door zelf mee te drinken stimuleert dat cliënten om zelf ook mee te drinken.

7. Er is een duidelijk begin en duidelijk eind.

8. Na afloop ruimt 1 begeleider de tafel af (eventueel met hulp van een cliënt), een ander begeleidt cliënten naar een andere plaats in de ruimte. Zo worden cliënten geholpen om zich in te stellen op een nieuwe activiteit/nieuwe plaats in de ruimte.

Visie Esdégé-Reigersdaal

Bij haptonomisch verplaatsen staat zelfredzaamheid altijd centraal. Vooral omdat het meer respectvol is voor de cliënt en de zorgverlener. Want te veel doen voor een cliënt in de zorg ontneemt hem zijn mogelijkheden en zijn eigenwaarde. Te veel doen voor cliënten is daarbij onnodig zwaar voor de begeleiders en plaatst hen in een rol waarin geen samenwerking kan ontstaan met de cliënt. Met haptonomisch verplaatsen is de zelfredzaamheid voelbaar, zichtbaar en overdraagbaar. Het biedt praktische vaardigheden om te leren hoe de zelfredzaamheid van de cliënt zo veel mogelijk behouden kan blijven.

Gentle Teaching

Gentle Teaching (McGee, 1992) is een methodiek die veel voorkomt bij het begeleiden van mensen met een verstandelijke beperking. De methodiek is gebaseerd op de Psychologie van wederzijdse afhankelijkheid. Hierbij gaat men ervan uit dat ieder mens de behoefte heeft zich verbonden te voelen met anderen in wederkerige en gelijkwaardige relaties. Bij Gentle Teaching is een veilige en liefdevolle relatie de basis voor de ontwikkeling van de cliënt.

De begrippen die bij Gentle Teaching centraal staan zijn:

  • We respecteren elkaar
  • We accepteren elkaar
  • We proberen elkaar te begrijpen
  • We waarderen elkaar
  • We geven elkaar zelfvertrouwen
  • We proberen elkaar vooruit te helpen
Totale Communicatie

Totale Communicatie is het ondersteunen en bevorderen van communicatie met diverse middelen zoals foto`s, pictogrammen, gebaren, verwijzers en geschreven taal. Totale Communicatie wordt vooral gebruikt bij mensen met een verstandelijke beperking, kinderen met spraak/taal moeilijkheden en bij mensen met afasie of dementie

Visie Esdégé-Reigersdaal

Esdégé-Reigersdaal is een visie gestuurde organisatie.

Onze visie:
Alle mensen zijn gelijkwaardig, elk mens is uniek.

Daarom heeft iedereen recht op:

  • respect
  • ontplooiing
  • een volwaardige plaats in de samenleving
  • relaties met andere mensen
  • eigen keuze


Dit betekent dat wij:

  • het individu respecteren
  • inspelen op de mogelijkheden van het individu
  • ondersteuning bieden bij het maken van keuzes
  • uitgaan van het gewone en speciale voorzieningen treffen waar nodig
  • ondersteuning bieden bij het aangaan en behouden van relaties
  • gericht zijn op een volwaardige plaats voor het individu in de samenleving


Volwaardig burgerschap van mensen met een beperking vinden wij belangrijk. Daarom werken we mee aan normalisatie en integratie. Mensen krijgen bij ons de ruimte om passende ondersteuning te organiseren. Zoveel mogelijk beslissingen worden genomen in de omgeving van de cliënt, waar immers de ondersteuningsvragen worden geformuleerd. Van medewerkers verwachten we dat ze cliënten vanuit deze visie respectvol ondersteunen.

Voorwaarden abonnement Bladeren

Begrippen

  • Bladeren
    Het tijdschrift met die titel, dat 4 maal per jaar wordt gemaakt en uitgegeven door Stichting Esdégé-Reigersdaal.
  • Abonnement
    Het abonnement is een éénmalige betaling die recht geeft op toezending van 4 opeenvolgende kwartaaluitgaven van Bladeren en heeft daardoor een looptijd van ongeveer één jaar.  

Bepalingen

  • Abonnees kunnen via e-mailadres bladeren@esdege-reigersdaal.nl contact opnemen met de redactie en administratie van Bladeren. 
  • Abonnees kunnen een adreswijziging doorgeven en klachten melden bij het niet ontvangen van Bladeren. 
  • Abonnees zijn verantwoordelijk voor het tijdig doorgeven van een adreswijziging.
  • Indien gewenst kan de verdere toezending van Bladeren worden stopgezet.
  • Er vindt geen terugbetaling plaats voor niet ontvangen nummers bij onjuiste adressering of bij het stopzetten van de toezending.

Privacy
De verkregen adresgegevens worden uitsluitend gebruikt voor het toezenden van Bladeren en ze worden niet beschikbaar gesteld aan derden. Het privacy reglement van Esdégé-Reigersdaal is van toepassing.
Video-interactie training

Door middel van korte video-opnames waarbij de interactie tussen cliënt en (cliënt) begeleider centraal staat proberen we te leren van de situatie, het eigen gedrag en gedrag van cliënt beter te begrijpen om vervolgens de volgende keer daar weer beter mee om te gaan. De video-interactie training richt zich op ‘klein kijken’, waarbij signalen van de cliënt nauwkeurig kunnen worden geobserveerd en geïnterpreteerd. De video-interactie training is gebaseerd op de methode van Heijkoop.

Visie Esdégé-Reigersdaal

Er wordt binnen Esdégé-Reigersdaal gewerkt met ondersteuningsplannen. In overleg met de cliënt en zijn/haar vertegenwoordiger wordt in het ondersteuningsplan een beeld van de cliënt geschetst en van wat hij/zij nodig heeft om prettig te kunnen functioneren. Jaarlijks wordt er geëvalueerd en waar nodig wordt het plan bijgesteld.

Browsericoon Esédége-Reigersdaal

Browser niet geschikt

De Internet Explorer browser is sterk verouderd en niet in staat om moderne websites als deze correct weer te geven.

   Sommige onderdelen van deze website zullen in Internet Explorer daarom niet goed functioneren.

Voor de beste ervaring gebruik een moderne browser zoals Google Chrome.

Werken met een vertrouwensrelatie

Een cliënt heeft vertrouwen in jou nodig voordat hij een band met je aangaat. Pas als er een wederzijdse band is, kun je hem of haar stimuleren zich open te stellen om op onderzoek uit te gaan, nieuwe ervaringen op te doen, relaties aan te gaan en zich op alle gebieden te ontwikkelen: lichamelijk, cognitief en sociaal-affectief. Een vertrouwensband is dus een belangrijk aspect van de relatie.

Active Support

Active Support is een ondersteuningsmethodiek speciaal ontwikkeld om cliënten actief te betrekken bij de dagelijkse gang van zaken zodat ze meer regie over hun leven krijgen. De methode gaat uit van een aantal algemene principes die van belang zijn voor een zo gewoon mogelijk leven:

  • deelnemen aan de samenleving
  • een netwerk van relaties hebben, waaronder familie en vrienden
  • deze relaties moeten van langere door zijn (continuïteit)
  • de kans krijgen om ervaringen op te doen en te leren
  • keuzemogelijkheden hebben en controle over het eigen bestaan
  • een zekere status krijgen en gerespecteerd worden
  • behandeld worden als een individu
Van de boer

Wij boeren op een ouderwetse, kleinschalige manier op het voormalig eiland Wieringen. De boerderij ligt aan de rand van een vogelgebied en staat op een erf van ongeveer 40 are. De boerderij ligt 200 meter van de weg af en de dichtstbijzijnde buur woont 500 meter verderop.

​Een groot deel van het land ligt direct bij de boerderij. De rest ligt verdeeld in 7 kleine stukjes over het mooie Wieringen. Deze stukken worden voornamelijk gebruikt voor hooi. Het hooi (gedroogd gras) maaien we in het voorjaar en de zomer en daarna staan onze schapen en jongvee op deze landjes. We gaan hier dan iedere dag heen om te kijken of het met het vee goed gaat en om water te brengen.

De nadruk van het bedrijf ligt op de fok van koeien. We hebben ieder jaar ongeveer 35 koeien, volwassen en jongvee. Onze koeien zijn Lakenvelders. De Lakenvelder is een zeldzaam, ouderwets vleesras. In heel Nederland lopen ongeveer nog 2000 van deze koeien. We zijn lid van het stamboek en we doen mee aan het fokprogramma. We houden onze koeien op een natuurlijke manier, de koeien worden zomers door de stier gedekt. De kalfjes worden meestal in het weiland geboren. Ze blijven bij de moeder totdat het weer slechter wordt en ze op stal gaan. Dan pas worden de kalfjes bij de moeders weggehaald. Overtallige dieren, meestal stierkalveren, brengen we op een natuurlijke manier groot. Deze dieren gaan naar een ambachtelijke slager in een dorp verderop.

Het vlees dat wij leveren wordt ‘vlees met een goed verhaal’ genoemd. Dit is eigenlijk een win-win situatie; de mensen kunnen genieten van het mooie landschap met de koeien en kalveren en ze kunnen een lekker stukje van datzelfde vlees halen bij de slager in de buurt. Ze weten dan dat het goed en verantwoord is gegroeid en behandeld.
Wij zijn dan ook nauw betrokken bij de natuur. We hebben veel land met een uitgestelde maaidatum waar de vogels rustig kunnen broeden. De boer is zelf ook vrijwilliger om dit allemaal in kaart te brengen en de vogels in de gaten te houden.

We zijn sinds kort ook bezig om met varkens te gaan fokken. Ook dit is een apart ras, het Pietrain varken. Het Pietrain varken is een goed varken om kleinschalig te houden en zo op een natuurlijke manier een goed stukje vlees te produceren.

Vanaf 2016 hebben een mooie grote groentetuin en in de zomer van 2017 hebben we zelf een kippenhok gebouwd waar nu 40 kippen (voornamelijk Leghorn) in rondscharrelen.

Methode Heijkoop

De methode Heijkoop helpt een cliënt beter te begrijpen waardoor er passende ondersteuning geboden kan worden. Middels vijf verschillende instrumenten wordt onderzocht hoe een cliënt functioneert. In dit onderzoek zijn verwanten en teamleden intensief betrokken. Op basis van observaties en analyse wordt gezocht naar andere mogelijkheden om met een cliënt om te gaan.

De methode maakt gebruik van vijf instrumenten:
1. Ontdekkend kijken
2. Functioneringsprofiel
3. Constructieve hantering probleemgedrag
4. Relatiedynamiek
5. Videotraining

Ontdekkend kijken
Ontdekkend kijken is een vorm van videoanalyse. Het is het basisinstrument van de Methode Heijkoop. Het instrument helpt begeleiders betekenisvol en onbevooroordeeld naar de cliënt te kijken en maakt hen bewust van de unieke lichaamstaal van de cliënt. Er ontstaat inzicht in de persoonlijke beleving en emoties, de manier van oriënteren, contact maken, communiceren, initiatieven nemen en de manier waarop de client oplossingen bedenkt.

Constructieve hantering probleemgedrag
Dit instrument helpt de begeleider om op moeilijke momenten, al dan niet met probleemgedrag, actief samen te werken met de cliënt. Het helpt de begeleider onderscheid te maken tussen de betekenis van het probleemgedrag voor de cliënt en de emotionele reacties van de begeleider op het probleemgedrag. Als de begeleider inziet wat het probleemgedrag betekent voor de cliënt, kan hij hem/haar helpen daar een andere oplossing voor te vinden.

Functioneringsprofiel
Dankzij het functioneringsprofiel wordt de begeleider zich bewust van de verwachtingen die de cliënt onbewust bij hem oproept. Het geeft de begeleider inzicht op grond waarvan hij de cliënt over- of onderschat. Doordat hij meer inzicht krijgt, kan hij zijn reacties beter afstemmen op wat de cliënt op een bepaald moment aankan. Daarmee voorkomt de begeleider veel stress bij de cliënt en zichzelf.

Relatiedynamiek
Het instrument relatiedynamiek brengt de dynamiek terug in een vastgelopen relatie tussen begeleider en cliënt. Het maakt de begeleider bewust van hoe hij zich opstelt ten opzichte van de cliënt, en van het beroep dat hij daarmee doet op de cliënt. Het omgekeerde geldt ook: hij krijgt meer oog voor het beroep dat de cliënt op hém doet.

Videotraining
Het instrument videotraining helpt de begeleider bij het ontwikkelen en zich eigen maken van relationele kwaliteiten. De begeleider leert zichzelf feedback geven op de relationele kwaliteit die hij zelf heeft uitgekozen. Die gaat hij/zij oefenen in de praktijk, mèt de cliënt. Van die begeleidingssituatie worden video-opnames gemaakt, die na afloop besproken worden.

Bron: Heijkoop-academy

Beleven in muziek (BIM)

BiM, Beleven in Muziek, stimuleert het ervaren van het lichaam door de muziek te laten voelen. Doelgericht in te zetten voor o.a. contact, communicatie, alertheid, ontspanning, plezier. BiM draagt ook bij aan de muzikale ontwikkeling.

Op speciaal ontwikkelde muziek wordt de deelnemer door de BiM gever aangeraakt met speciale objecten zoals ballen, zacht handschoenen of veren. Ieder muziekstuk heeft zijn eigen bewegingen en objecten. Ook wordt soms gewerkt met etherische oliën.

Financieringsmogelijkheden

De jobcoaches hebben ruime kennis op het gebied van wet- en regelgeving en de financiering van trajecten. Zij kunnen je alles vertellen of je in aanmerking komt voor ondersteuning van een jobcoach.

Wet Langdurige Zorg (WLZ), aanvraag bij CIZ
De Wet Langdurige Zorg is er voor mensen die intensieve begeleiding en nabijheid nodig hebben. Een indicatie voor dagbesteding wordt afgegeven door het Centrum indicatie Zorg (CIZ).

Sociaal Activering traject, aanvraag UWV
Sociale activering is bedoeld als een voorbereidingsperiode op een betaalde baan met behoud van uitkering. De duur van het traject is maximaal 1 jaar. Dit traject wordt onder andere ingezet om te participeren in de maatschappij, zelfvertrouwen op te bouwen en werkervaring op te doen. Tevens wordt er aandacht besteed aan sollicitatievaardigheden en kan onderzocht worden welke beroepen passend zijn.

Individueel Re-integratie traject (IRO), aanvraag UWV
Het doel van het IRO traject is het verkrijgen van een passende betaalde baan. De jobcoach zal jou begeleiden en ondersteunen bij het vinden en behouden van een geschikte baan.

Persoonlijke Ondersteuning (PO), aanvraag UWV
Indien je een betaalde baan hebt en je hebt hierbij extra ondersteuning nodig dan kun je aanspraak maken op een traject Persoonlijke Ondersteuning/ Jobcoaching. Denk hierbij aan onder andere het trainen van werknemersvaardigheden. Voor meer informatie over dit traject en de eventuele aanvraag kan je terecht bij een jobcoach.

WMO (Wet Maatschappelijke Ondersteuning), aanvraag gemeente
De gemeente is verantwoordelijk voor de uitvoering van de wet maatschappelijke ondersteuning, de WMO. Deze wet omvat activiteiten die het je mogelijk maken om mee te doen in de samenleving, bijvoorbeeld vrijwilligerswerk. Voor meer informatie verwijzen wij je naar de website van de gemeente.

Eigen bijdrage
Gemeenten mogen voor de ondersteuning die zij bieden een eigen bijdrage vragen.
Op de website van het CAK kunt u een indicatie krijgen van de hoogte van de eigen bijdrage.

Omgevingszorg

Een omgeving, die goed is afgestemd op mensen bij wie sprake is van dementie of een hersenbeschadiging heeft een positief effect op het dagelijks functioneren van die mensen. Aandacht voor die omgeving noemen we omgevingszorg.

Omgevingszorg beschouwd de invloed van de omgeving op mensen met een beschadigd brein, waaronder dementie. Mensen met dementie worden in toenemende mate afhankelijk van prikkels uit de omgeving. De prikkelverwerking in het brein is verstoord. Hierdoor iemand met dementie zijn/haar gedrag niet meer uit zichzelf sturen. Gedrag wordt meer en meer bepaald door de omgeving.

Een ongunstige omgeving speelt dan ook een belangrijke rol bij het ontstaan van onbegrepen (probleem)gedrag. Mensen met een beschadigd brein reageren vaak impulsief, reflexmatig en intuïtief op omgevingsprikkels. Bij omgeving kan worden gedacht aan: de fysieke omgeving, werk- en leefprocessen (waaronder de bejegening) en de dag- en tijdsbesteding.

Een omgeving, die is vormgegeven vanuit de ideeën van omgevingszorg, is een omgeving, die

  1. Overzichtelijk, duidelijk en herkenbaar is;
  2. Daardoor begrepen wordt;
  3. Doelgericht gedrag uitlokt;
  4. Zorgt voor de juiste prikkel op het juiste moment;

Door de omgeving en het gedrag methodisch te observeren ontstaat inzicht in ontregelende situaties en storende prikkelbronnen. Dit geeft praktische handvatten voor optimale omgevingszorg: het toepassen van verbeteringen in de leefomgeving van mensen met een beschadigd brein. Het resultaat is een zichtbaar positieve uitwerking op het gevoel van welbevinden en veiligheid. De stress vermindert en niet begrepen (probleem) gedrag neemt af.

Meer info:
breincollectief.nl

LACCS

Het LACCS-programma richt zich op de kwaliteit van leven van cliënten met EVMB. Binnen het programma wordt er aan de hand van vijf gebieden gekeken hoe goed het leven van de cliënt is. De vijf gebieden sluiten aan bij algemene menselijke behoeften. De gebieden zijn:

  • Lichamelijk welzijn
  • Alertheid
  • Contact
  • Communicatie
  • Stimulerende tijdsbesteding

Door bewust te kijken naar deze vijf gebieden en hoe ze voor een cliënt verbeterd kunnen worden, werken alle betrokken samen aan een goed leven voor de cliënt. Per gebied zijn er een aantal waarden geformuleerd die helpen om concreet te kijken naar de kwaliteit van het leven van de cliënt. De vijf LACCS-gebieden zijn allen even belangrijk.

Het LACCS-programma kenmerkt zich door een zeer cliëntgerichte ondersteuning. De vijf gebieden hebben een directe relatie met het dagelijks leven van de cliënt. Het zien van ontwikkelmogelijkheden, hoe klein dan ook, speelt binnen het LACCS-programma een belangrijke rol.

Meer info:

Skip to content