Pim profiteerde van de korte lijntjes tussen wonen en dagbesteding

"Onze grote kleine vent"

Tekst: Titia Geerlink – Fotografie: Alexandra Heeremans

28-03-2024

We vallen gewoon eens met de deur in huis. “Pim was 29 jaar geleden onze tropische verrassing in Hollandse melkchocola”, introduceert Jan van der Putten zijn zoon. “Vanaf het begin was hij heel ingewikkeld. Maar dat was ons niet vreemd aangezien we al jaren pleeggezin waren. Die kinderen komen ook niet voor hun zweetvoeten. We maakten ons er niet zo druk om. Lichamelijk was Pim zo gezond als een vis overigens, maar zijn spraakontwikkeling kwam niet op gang. Dan denk je eerst: hij is doof. Maar toen werden de mededelingen steeds vervelender en kregen we van professor Briët, de autismespecialist in die tijd, te horen dat we ons op het ergste moesten voorbereiden.”

”Dit was toch van een grotere orde. Pim was volstrekt niet aan te sturen. Wandelen in de duinen was bijvoorbeeld hartstikke leuk, maar als hij geen zin meer had dan ging ie zitten en niet meer voor- of achteruit. En thuis ook: niet aan te sturen! Eerst ging hij naar een ODC (orthopedagogisch dagcentrum, red.) in Heemskerk. Wij woonden destijds in Uitgeest. Daar bleek hij veel te intelligent voor en toen is hij naar De Alk gegaan, een school voor speciaal onderwijs in Alkmaar. Zijn lagere school heeft hij doorgebracht met vallen en opstaan. Leren lezen bijvoorbeeld was lastig. Letters plakken kon hij niet. Wat hij wel kon was woordbeelden onthouden. Vooral die van belang waren voor hem. Dat botste met de methode van school. Rekenen? Hij heeft geen enkele notie van getallen. Beginnen ze met bussommen. Nou, tot ze uit zijn nek kwamen.”

“Op het voortgezet speciaal onderwijs is het helemaal misgegaan. Eén juf richtte zich op onderwijs, een ander veel meer op zorg. Dat schepte verwarring en is helemaal uit de klauwen gelopen. In zijn laatste jaar had hij één leraar en ging het beter. Toen heeft hij stagegelopen bij AC Zuidwijk. Daar krijgt hij nog steeds dagbesteding. Het was een zoektocht om Pim te leren kennen en te leren lezen. Sonja Stokman was daar zijn begeleider, een heel ervaren iemand, maar ook zij had momenten waarin ze soms dacht ‘wat gaan we vandaag weer meemaken’? Pim kon erg onvoorspelbaar zijn met zijn vloeken en agressie. We hebben veel met elkaar overlegd en de kennis die wij al over Pim hadden hebben we gedeeld met het AC. Met als resultaat dat hij daar echt zijn plekje gevonden heeft en steeds meer begeleiders hem kunnen ondersteunen.”

"Eerst kijken hoe Pim binnenkomt en aan de hand van vijf stadia inschalen"

Fenomenaal
“Psycholoog Willem de Ruiter, fenomenaal die man, heeft uiteindelijk een behandelplan voor Pim opgesteld: Eerst kijken hoe Pim binnenkomt en aan de hand van vijf stadia inschalen (Redactie: Willem legde de methodiek van psychomotorisch therapeut Tom Gravestein uit. Een methode over het maken van keuzes en gebruik van probleemruimte. In deze methodiek met vijf stadia leer je om oplopende spanning te signaleren en daarop jouw gedrag als begeleider aan te passen). Toen ging het aanmerkelijk beter. En we zijn ons er gerust van bewust dat het nooit makkelijk geweest is, hoor. Als ouders krijg je toch enigszins gekleurde rapportages te zien. Zo gaan die dingen nu eenmaal.”

We besloten het niet te doen
We maken een sprongetje. Thuis was iedereen op Pim na inmiddels uitgevlogen. Met Pim ging het op zich goed, maar het beslag was wel enorm. “En wij werden ouder en ouder”, vertelt Jan verder. Op een bepaald moment moest hij toch de deur uit. Voordat wij het lichamelijk niet meer aankonden. Niet dat je in een crisissituatie terechtkomt omdat het niet meer gaat. Dat wilden we graag voor zijn. De manier van benadering bij AC Zuidwijk beviel ons wel: ‘Als Pim uit de band springt hebben wij iets gemist of verkeerd gereageerd’. Dan is het zo onveilig dat hij uit de band springt en niet andersom. Wij moeten zorgen dat de situatie weer zo veilig is dat hij niet uit de band hóéft te springen.’ Dat sprak ons aan. Dus meldden we hem aan voor wonen bij Esdégé-Reigersdaal. Jaren hoorden we niks. Dat had ongetwijfeld met de wachtlijst te maken. Op een bepaald moment kon hij bij een cluster terecht. Dat was nog op het oude Reigersdaalterrein. Maar toen kregen we net een pleegkind binnen waarmee Pim zich mooi ontwikkelde. In gesprek met haar zei ze: ‘Weet je wat het ergste is wat een kind kan overkomen? Als je weggestuurd wordt. Ja, verdorie, wij zijn wel met Pim bezig en het gaat ontstellend leuk nu hier. Moeten we op dit moment dat proces verstoren? Dus besloten we het niet te doen.”

"Het terrein van de Latei kende hij al van hun 'expedities', zoals de supermarktsafari die Sonja voor hem verzon"

Een go gegeven
Pim bleef op de wachtlijst staan. Maar toen was er weer jaren radiostilte. ‘Gaat dit wel goed?’, dachten Jan en zijn vrouw Annet. “We kregen het gevoel dat als je niet schreeuwt, je niet aan de beurt komt. Dat vonden we niet eerlijk en dat begrepen ze bij Esdégé-Reigersdaal wel. En toen kwam uiteindelijk de vraag van de Latei. Die locatie moest nog gebouwd worden. We hebben een x-aantal gesprekken gehad met clustermanager Tanja Stam en haar rechterhand Eline van Weelderen, kregen er een goed gevoel over en hebben het een go gegeven.”

Basis van succes
Pim zelf was in eerste instantie niet betrokken. Toen de verhuizing zeker was, vertelden zijn ouders dat hij op zichzelf ging wonen. “Dat vond hij in eerste instantie een slecht plan. Dus toen hebben we hem voorgelegd dat zijn broers nu toch ook op zichzelf woonden. Nou, dat begreep ie wel. Hij is er een aantal keren met Sonja wezen kijken. Het terrein van de Latei (aan de rand van wat eerder het Reigersdaalterrein was, red.) kende hij al van hun ‘expedities’, zoals de supermarktsafari die Sonja voor hem verzon. De lijntjes waren kort. Er waren gesprekken tussen AC Zuidwijk en de Latei. En zijn cliëntbegeleider van de Latei heeft ook als een soort stagiair meegedraaid op AC Zuidwijk. Dus die kende hij al toen hij daadwerkelijk ging verhuizen. ‘Hé, wat doe jij hier?’, reageerde hij en vond het prima. Daar is van tevoren goed over nagedacht. Daarnaast hebben wij een aantal gesprekken gehad met de Latei over de structuur waar Pim zo goed op gaat. Die hebben zij overgenomen en was de basis voor het succes. De overgang was nu niet zo groot. Met andere cliënten heeft hij niks, maar met de begeleiders wel. Net als op AC Zuidwijk heeft hij hier ‘collega’s’. Andere mensen zijn te onvoorspelbaar voor hem. Daar kan hij niks mee.”

"We dachten na vier dagen wel een telefoontje te krijgen van Pim met 'je moet me nu halen'. Maar dat bleef uit. Hij springt niet of nauwelijks uit de band"

Je hoeft niet meer te komen
Het vertrouwen in de mensen bij De Latei moest natuurlijk wel opgebouwd worden, maar ging wat Jan betreft ontzettend snel: “We dachten na vier dagen wel een telefoontje te krijgen van Pim met ‘je moet me nu halen’. Maar dat bleef uit. Hij springt niet of nauwelijks uit de band. Soms is er paniek bij hem. Als er iets onverwachts gebeurt. Dan is hij wel van de leg en kost het moeite om hem dan weer rustig te krijgen. Als zijn fiets stuk is of als het regent bijvoorbeeld. Toch heeft hij zich enorm ontwikkeld. Over fietsen gesproken. Dat kan hij. Dus stelde ik voor samen van AC Zuidwijk naar De Latei te fietsen. Ik dacht, dat ga ik hem leren zodat hij niet met de taxi naar dagbesteding hoeft. ‘Pap, je hoeft niet meer te komen’, zei hij al snel. ‘Ik kan het zelf’. Sindsdien fietst hij gewoon zelf. Hij heeft één keer een eenzijdig ongelukje gehad. Maar daarna is hij gewoon weer gaan fietsen. De volgende stap was de verhuizing van mijn vrouw en mij naar Heerhugowaard afgelopen maart. We waren maar heen en weer aan het karren en wilden dichter bij Pim wonen. Nu hebben we bereikt dat hij op vrijdag zelf naar ons toekomt.”

Nieuwe structuur
“Een van de redenen dat hij in het weekend nog bij ons is, is omdat je langzaam een nieuwe structuur moet maken voor hem. Eten is bij Pim echt een ding. Hij houdt van wat wij koken. En op zaterdag doen we altijd boodschappen. Dat is een hoogtepuntje. Veel communicatie met hem is ingetraind. Als wij op zaterdag met z’n tweeën naar de supermarkt gaan dan lijkt het of we heel goed met elkaar kunnen praten. Maar daar hebben we lang over gedaan en het is altijd hetzelfde. En als er dan een vreemde komt dan weet hij het niet meer. Enige nadeel is dat wij in het weekend nooit iets kunnen doen, mijn vrouw en ik. Maar dit jaar zijn we wel voor het eerst twee weken op vakantie geweest. Vorig jaar hebben we nog van alles georganiseerd om een weekje weg te kunnen. Dit jaar allemaal niet. Alleen alles goed doorgenomen. Dan eet hij kant en klaar macaroni of boerenkool van de Deka. En dat ging ook. En ik had een ‘nieuwe dingen eten dag’ in het leven geroepen op woensdag. Dat ging niet gebeuren. Maar ja, hij is niet doodgegaan van de honger.”

"Lopen we door de Albert Heijn en dan gooit hij zomaar iets in de kar onder de rest van de boodscahppen. Dan heeft hij weer een enorm plezier met zichzelf dat het weer gelukt is"

Gunfactor
“Een goede relatie met het netwerk van Pim is fijn. En het voordeel van Pim is dat hij een gunfactor heeft. Pim is gewoon een leuk kereltje. Hij is weliswaar bijna dertig en groot, maar het is in feite een kereltje. Pim heeft twee hele sprekende ogen, kan erg lachen en heeft ook humor. Ook al maakt hij steeds hetzelfde grapje”, lacht Jan. “Zeker als hij ziet dat er één aanslaat. Oké, oké, hij is natuurlijk mijn kind, maar de mensen die met hem in aanraking komen –dat zijn er niet zoveel- vinden hem echt leuk, hoor.”

Komisch dus eigenlijk wel
“En wat als wij er niet meer zijn? Langzamerhand bekijken we wat we daarvoor moeten regelen. Het testament bijvoorbeeld. De weekenden gaan we op den duur wellicht eens anders inrichten. Om de week daar kan hij niets mee en voorlopig functioneert dit nog prima. En ook bij ons thuis ontwikkelt Pim zich nog steeds. Hij helpt bijvoorbeeld mee met tafel dekken, pakt na het broodje eten de stofzuiger en de boodschappen tilt hij ook. Zo heeft hij wel meer hele leuke dingen: smokkelen hebben we dat genoemd. Lopen we door de Albert Heijn en dan gooit hij zomaar iets in de kar onder de rest van de boodschappen. Pak ik alles in de tas en dan kom ik weer iets tegen. Dan heeft hij weer een enorm plezier met zichzelf dat het weer gelukt is. Soms laat ik dat dan ook gebeuren want ik geniet van het plezier en heb ook mijn eigen lol. ‘Het is weer gelukt pap’, zegt hij dan. ‘Oh ja, wat stom. Ik moet toch beter opletten’, reageer ik. Of chips jatten thuis. Maar het dan daarna wel vertellen omdat het ook wel spannend is. Komische dingetjes dus eigenlijk wel. Of de arm om me heen na het boodschappen doen omdat hij ook wel beetje moe is waarschijnlijk. Onze grote kleine vent.”

Delen? Graag!

Lees ook deze verhalen...

Over leven met Parkinson

Een neurologische aandoening kan ook hersenletsel veroorzaken. Dat overkwam Remco (57). In 2018 kreeg hij de diagnose Parkinson. Sindsdien is zijn leven drastisch veranderd. Remco vertelt wat de impact is
Lees meer...

Het hart van De Hoeksteen

Na het luiden van de bel keert de rust weer terug in de gangen van basisschool De Hoeksteen in Enkhuizen. De geluiden van de schuifelende voeten en vrolijke stemmen maken
Lees meer...

Schaken met Jelle

In het appartementencomplex waar ik nog niet erg lang woonde, hing op het mededelingenbord een kaartje van onze overburen”, schrijft Jelle van den Braak naar de redactie van Bladeren. “De
Lees meer...

De Klompenhoeve gaat dóórrrrr

De brandresten zijn inmiddels allemaal weg en de laatste geitenkazen gaan momenteel over de toonbank. 2023 was een heftig jaar, maar tijdens mijn bezoek gaat het vooral over wat komen
Lees meer...

Over leven met Parkinson

Een neurologische aandoening kan ook hersenletsel veroorzaken. Dat overkwam Remco (57). In 2018 kreeg hij de diagnose Parkinson. Sindsdien is zijn leven drastisch veranderd. Remco vertelt wat de impact is
lees meer...

Het hart van De Hoeksteen

Na het luiden van de bel keert de rust weer terug in de gangen van basisschool De Hoeksteen in Enkhuizen. De geluiden van de schuifelende voeten en vrolijke stemmen maken
lees meer...

Schaken met Jelle

In het appartementencomplex waar ik nog niet erg lang woonde, hing op het mededelingenbord een kaartje van onze overburen”, schrijft Jelle van den Braak naar de redactie van Bladeren. “De
lees meer...

De Klompenhoeve gaat dóórrrrr

De brandresten zijn inmiddels allemaal weg en de laatste geitenkazen gaan momenteel over de toonbank. 2023 was een heftig jaar, maar tijdens mijn bezoek gaat het vooral over wat komen
lees meer...
Stappenplan koffiedrinken

Bij mensen met een beschadigd brein, bijvoorbeeld bij dementie, kunnen onnodige prikkels en onrust leiden tot een gebrek aan concentratie of beangstigende situaties. De begeleiding van cliënten met een beschadigd brein is er dan ook vaak op gericht om afleidende en storende prikkels te vermijden. Het herkenbaar maken van activiteiten speelt daarbij een rol. Hieronder een stappenplan voor koffiedrinken. Door consequent het plan te volgen wordt de activiteit ‘koffie drinken’ herkenbaar en voorspelbaar. 

Stappenplan koffiedrinken

1. Koffie/thee kar klaarzetten met alles erop, dit voorkomt veel heen en weer geloop van de begeleider. Heen en weer lopen geeft onnodige prikkels en onrust bij de cliënt.

2. Deuren sluiten en een “Niet storen” bordje op de deur hangen, dit voorkomt dat mensen in en uitlopen.

3. Alles van de kar op tafel zetten, als dan de cliënten aan tafel komen staat alles al klaar. Dus minder prikkels. Begeleiders kunnen zich totaal richten op de cliënt en op het koffie drinken.

4. Cliënten naar vaste plaats aan de tafel begeleiden (eerst afstemmen, contact maken en dan verleiden!), kijk eerst in de ogen van de cliënt : ziet hij/zij je en waar kijkt hij/zij naar en hoe staan de ogen. Maak contact dmv toelachen, aanraken en vervolgens verleiden.

5. Muziek uitzetten (als cliënten niets zeggen, dan zachte muziek), pas uitzetten als iedereen aan tafel zit, omdat de hersenen dan wel bezig gehouden worden met het geluid (geen prikkel leidt tot angst en onrust).

6. Begeleiders gaan aan tafel zitten en blijven zitten. Ze drinken zelf mee (maar houden geen pauze!!). Begeleiders zijn gericht op de cliënten, ze praten niet teveel met elkaar, door zelf mee te drinken stimuleert dat cliënten om zelf ook mee te drinken.

7. Er is een duidelijk begin en duidelijk eind.

8. Na afloop ruimt 1 begeleider de tafel af (eventueel met hulp van een cliënt), een ander begeleidt cliënten naar een andere plaats in de ruimte. Zo worden cliënten geholpen om zich in te stellen op een nieuwe activiteit/nieuwe plaats in de ruimte.

Browsericoon Esédége-Reigersdaal

Browser niet geschikt

De Internet Explorer browser is sterk verouderd en niet in staat om moderne websites als deze correct weer te geven.

   Sommige onderdelen van deze website zullen in Internet Explorer daarom niet goed functioneren.

Voor de beste ervaring gebruik een moderne browser zoals Google Chrome.

Omgevingszorg

Een omgeving, die goed is afgestemd op mensen bij wie sprake is van dementie of een hersenbeschadiging heeft een positief effect op het dagelijks functioneren van die mensen. Aandacht voor die omgeving noemen we omgevingszorg.

Omgevingszorg beschouwd de invloed van de omgeving op mensen met een beschadigd brein, waaronder dementie. Mensen met dementie worden in toenemende mate afhankelijk van prikkels uit de omgeving. De prikkelverwerking in het brein is verstoord. Hierdoor iemand met dementie zijn/haar gedrag niet meer uit zichzelf sturen. Gedrag wordt meer en meer bepaald door de omgeving.

Een ongunstige omgeving speelt dan ook een belangrijke rol bij het ontstaan van onbegrepen (probleem)gedrag. Mensen met een beschadigd brein reageren vaak impulsief, reflexmatig en intuïtief op omgevingsprikkels. Bij omgeving kan worden gedacht aan: de fysieke omgeving, werk- en leefprocessen (waaronder de bejegening) en de dag- en tijdsbesteding.

Een omgeving, die is vormgegeven vanuit de ideeën van omgevingszorg, is een omgeving, die

  1. Overzichtelijk, duidelijk en herkenbaar is;
  2. Daardoor begrepen wordt;
  3. Doelgericht gedrag uitlokt;
  4. Zorgt voor de juiste prikkel op het juiste moment;

Door de omgeving en het gedrag methodisch te observeren ontstaat inzicht in ontregelende situaties en storende prikkelbronnen. Dit geeft praktische handvatten voor optimale omgevingszorg: het toepassen van verbeteringen in de leefomgeving van mensen met een beschadigd brein. Het resultaat is een zichtbaar positieve uitwerking op het gevoel van welbevinden en veiligheid. De stress vermindert en niet begrepen (probleem) gedrag neemt af.

Meer info:
breincollectief.nl

Financieringsmogelijkheden

De jobcoaches hebben ruime kennis op het gebied van wet- en regelgeving en de financiering van trajecten. Zij kunnen je alles vertellen of je in aanmerking komt voor ondersteuning van een jobcoach.

Wet Langdurige Zorg (WLZ), aanvraag bij CIZ
De Wet Langdurige Zorg is er voor mensen die intensieve begeleiding en nabijheid nodig hebben. Een indicatie voor dagbesteding wordt afgegeven door het Centrum indicatie Zorg (CIZ).

Sociaal Activering traject, aanvraag UWV
Sociale activering is bedoeld als een voorbereidingsperiode op een betaalde baan met behoud van uitkering. De duur van het traject is maximaal 1 jaar. Dit traject wordt onder andere ingezet om te participeren in de maatschappij, zelfvertrouwen op te bouwen en werkervaring op te doen. Tevens wordt er aandacht besteed aan sollicitatievaardigheden en kan onderzocht worden welke beroepen passend zijn.

Individueel Re-integratie traject (IRO), aanvraag UWV
Het doel van het IRO traject is het verkrijgen van een passende betaalde baan. De jobcoach zal jou begeleiden en ondersteunen bij het vinden en behouden van een geschikte baan.

Persoonlijke Ondersteuning (PO), aanvraag UWV
Indien je een betaalde baan hebt en je hebt hierbij extra ondersteuning nodig dan kun je aanspraak maken op een traject Persoonlijke Ondersteuning/ Jobcoaching. Denk hierbij aan onder andere het trainen van werknemersvaardigheden. Voor meer informatie over dit traject en de eventuele aanvraag kan je terecht bij een jobcoach.

WMO (Wet Maatschappelijke Ondersteuning), aanvraag gemeente
De gemeente is verantwoordelijk voor de uitvoering van de wet maatschappelijke ondersteuning, de WMO. Deze wet omvat activiteiten die het je mogelijk maken om mee te doen in de samenleving, bijvoorbeeld vrijwilligerswerk. Voor meer informatie verwijzen wij je naar de website van de gemeente.

Eigen bijdrage
Gemeenten mogen voor de ondersteuning die zij bieden een eigen bijdrage vragen.
Op de website van het CAK kunt u een indicatie krijgen van de hoogte van de eigen bijdrage.

Beleven in muziek (BIM)

BiM, Beleven in Muziek, stimuleert het ervaren van het lichaam door de muziek te laten voelen. Doelgericht in te zetten voor o.a. contact, communicatie, alertheid, ontspanning, plezier. BiM draagt ook bij aan de muzikale ontwikkeling.

Op speciaal ontwikkelde muziek wordt de deelnemer door de BiM gever aangeraakt met speciale objecten zoals ballen, zacht handschoenen of veren. Ieder muziekstuk heeft zijn eigen bewegingen en objecten. Ook wordt soms gewerkt met etherische oliën.

Methode Heijkoop

De methode Heijkoop helpt een cliënt beter te begrijpen waardoor er passende ondersteuning geboden kan worden. Middels vijf verschillende instrumenten wordt onderzocht hoe een cliënt functioneert. In dit onderzoek zijn verwanten en teamleden intensief betrokken. Op basis van observaties en analyse wordt gezocht naar andere mogelijkheden om met een cliënt om te gaan.

De methode maakt gebruik van vijf instrumenten:
1. Ontdekkend kijken
2. Functioneringsprofiel
3. Constructieve hantering probleemgedrag
4. Relatiedynamiek
5. Videotraining

Ontdekkend kijken
Ontdekkend kijken is een vorm van videoanalyse. Het is het basisinstrument van de Methode Heijkoop. Het instrument helpt begeleiders betekenisvol en onbevooroordeeld naar de cliënt te kijken en maakt hen bewust van de unieke lichaamstaal van de cliënt. Er ontstaat inzicht in de persoonlijke beleving en emoties, de manier van oriënteren, contact maken, communiceren, initiatieven nemen en de manier waarop de client oplossingen bedenkt.

Constructieve hantering probleemgedrag
Dit instrument helpt de begeleider om op moeilijke momenten, al dan niet met probleemgedrag, actief samen te werken met de cliënt. Het helpt de begeleider onderscheid te maken tussen de betekenis van het probleemgedrag voor de cliënt en de emotionele reacties van de begeleider op het probleemgedrag. Als de begeleider inziet wat het probleemgedrag betekent voor de cliënt, kan hij hem/haar helpen daar een andere oplossing voor te vinden.

Functioneringsprofiel
Dankzij het functioneringsprofiel wordt de begeleider zich bewust van de verwachtingen die de cliënt onbewust bij hem oproept. Het geeft de begeleider inzicht op grond waarvan hij de cliënt over- of onderschat. Doordat hij meer inzicht krijgt, kan hij zijn reacties beter afstemmen op wat de cliënt op een bepaald moment aankan. Daarmee voorkomt de begeleider veel stress bij de cliënt en zichzelf.

Relatiedynamiek
Het instrument relatiedynamiek brengt de dynamiek terug in een vastgelopen relatie tussen begeleider en cliënt. Het maakt de begeleider bewust van hoe hij zich opstelt ten opzichte van de cliënt, en van het beroep dat hij daarmee doet op de cliënt. Het omgekeerde geldt ook: hij krijgt meer oog voor het beroep dat de cliënt op hém doet.

Videotraining
Het instrument videotraining helpt de begeleider bij het ontwikkelen en zich eigen maken van relationele kwaliteiten. De begeleider leert zichzelf feedback geven op de relationele kwaliteit die hij zelf heeft uitgekozen. Die gaat hij/zij oefenen in de praktijk, mèt de cliënt. Van die begeleidingssituatie worden video-opnames gemaakt, die na afloop besproken worden.

Bron: Heijkoop-academy

Van de boer

Wij boeren op een ouderwetse, kleinschalige manier op het voormalig eiland Wieringen. De boerderij ligt aan de rand van een vogelgebied en staat op een erf van ongeveer 40 are. De boerderij ligt 200 meter van de weg af en de dichtstbijzijnde buur woont 500 meter verderop.

​Een groot deel van het land ligt direct bij de boerderij. De rest ligt verdeeld in 7 kleine stukjes over het mooie Wieringen. Deze stukken worden voornamelijk gebruikt voor hooi. Het hooi (gedroogd gras) maaien we in het voorjaar en de zomer en daarna staan onze schapen en jongvee op deze landjes. We gaan hier dan iedere dag heen om te kijken of het met het vee goed gaat en om water te brengen.

De nadruk van het bedrijf ligt op de fok van koeien. We hebben ieder jaar ongeveer 35 koeien, volwassen en jongvee. Onze koeien zijn Lakenvelders. De Lakenvelder is een zeldzaam, ouderwets vleesras. In heel Nederland lopen ongeveer nog 2000 van deze koeien. We zijn lid van het stamboek en we doen mee aan het fokprogramma. We houden onze koeien op een natuurlijke manier, de koeien worden zomers door de stier gedekt. De kalfjes worden meestal in het weiland geboren. Ze blijven bij de moeder totdat het weer slechter wordt en ze op stal gaan. Dan pas worden de kalfjes bij de moeders weggehaald. Overtallige dieren, meestal stierkalveren, brengen we op een natuurlijke manier groot. Deze dieren gaan naar een ambachtelijke slager in een dorp verderop.

Het vlees dat wij leveren wordt ‘vlees met een goed verhaal’ genoemd. Dit is eigenlijk een win-win situatie; de mensen kunnen genieten van het mooie landschap met de koeien en kalveren en ze kunnen een lekker stukje van datzelfde vlees halen bij de slager in de buurt. Ze weten dan dat het goed en verantwoord is gegroeid en behandeld.
Wij zijn dan ook nauw betrokken bij de natuur. We hebben veel land met een uitgestelde maaidatum waar de vogels rustig kunnen broeden. De boer is zelf ook vrijwilliger om dit allemaal in kaart te brengen en de vogels in de gaten te houden.

We zijn sinds kort ook bezig om met varkens te gaan fokken. Ook dit is een apart ras, het Pietrain varken. Het Pietrain varken is een goed varken om kleinschalig te houden en zo op een natuurlijke manier een goed stukje vlees te produceren.

Vanaf 2016 hebben een mooie grote groentetuin en in de zomer van 2017 hebben we zelf een kippenhok gebouwd waar nu 40 kippen (voornamelijk Leghorn) in rondscharrelen.

Active Support

Active Support is een ondersteuningsmethodiek speciaal ontwikkeld om cliënten actief te betrekken bij de dagelijkse gang van zaken zodat ze meer regie over hun leven krijgen. De methode gaat uit van een aantal algemene principes die van belang zijn voor een zo gewoon mogelijk leven:

  • deelnemen aan de samenleving
  • een netwerk van relaties hebben, waaronder familie en vrienden
  • deze relaties moeten van langere door zijn (continuïteit)
  • de kans krijgen om ervaringen op te doen en te leren
  • keuzemogelijkheden hebben en controle over het eigen bestaan
  • een zekere status krijgen en gerespecteerd worden
  • behandeld worden als een individu
Werken met een vertrouwensrelatie

Een cliënt heeft vertrouwen in jou nodig voordat hij een band met je aangaat. Pas als er een wederzijdse band is, kun je hem of haar stimuleren zich open te stellen om op onderzoek uit te gaan, nieuwe ervaringen op te doen, relaties aan te gaan en zich op alle gebieden te ontwikkelen: lichamelijk, cognitief en sociaal-affectief. Een vertrouwensband is dus een belangrijk aspect van de relatie.

Visie Esdégé-Reigersdaal

Er wordt binnen Esdégé-Reigersdaal gewerkt met ondersteuningsplannen. In overleg met de cliënt en zijn/haar vertegenwoordiger wordt in het ondersteuningsplan een beeld van de cliënt geschetst en van wat hij/zij nodig heeft om prettig te kunnen functioneren. Jaarlijks wordt er geëvalueerd en waar nodig wordt het plan bijgesteld.

Visie Esdégé-Reigersdaal

Bij haptonomisch verplaatsen staat zelfredzaamheid altijd centraal. Vooral omdat het meer respectvol is voor de cliënt en de zorgverlener. Want te veel doen voor een cliënt in de zorg ontneemt hem zijn mogelijkheden en zijn eigenwaarde. Te veel doen voor cliënten is daarbij onnodig zwaar voor de begeleiders en plaatst hen in een rol waarin geen samenwerking kan ontstaan met de cliënt. Met haptonomisch verplaatsen is de zelfredzaamheid voelbaar, zichtbaar en overdraagbaar. Het biedt praktische vaardigheden om te leren hoe de zelfredzaamheid van de cliënt zo veel mogelijk behouden kan blijven.

Video-interactie training

Door middel van korte video-opnames waarbij de interactie tussen cliënt en (cliënt) begeleider centraal staat proberen we te leren van de situatie, het eigen gedrag en gedrag van cliënt beter te begrijpen om vervolgens de volgende keer daar weer beter mee om te gaan. De video-interactie training richt zich op ‘klein kijken’, waarbij signalen van de cliënt nauwkeurig kunnen worden geobserveerd en geïnterpreteerd. De video-interactie training is gebaseerd op de methode van Heijkoop.

Voorwaarden abonnement Bladeren

Begrippen

  • Bladeren
    Het tijdschrift met die titel, dat 4 maal per jaar wordt gemaakt en uitgegeven door Stichting Esdégé-Reigersdaal.
  • Abonnement
    Het abonnement is een éénmalige betaling die recht geeft op toezending van 4 opeenvolgende kwartaaluitgaven van Bladeren en heeft daardoor een looptijd van ongeveer één jaar.  

Bepalingen

  • Abonnees kunnen via e-mailadres bladeren@esdege-reigersdaal.nl contact opnemen met de redactie en administratie van Bladeren. 
  • Abonnees kunnen een adreswijziging doorgeven en klachten melden bij het niet ontvangen van Bladeren. 
  • Abonnees zijn verantwoordelijk voor het tijdig doorgeven van een adreswijziging.
  • Indien gewenst kan de verdere toezending van Bladeren worden stopgezet.
  • Er vindt geen terugbetaling plaats voor niet ontvangen nummers bij onjuiste adressering of bij het stopzetten van de toezending.

Privacy
De verkregen adresgegevens worden uitsluitend gebruikt voor het toezenden van Bladeren en ze worden niet beschikbaar gesteld aan derden. Het privacy reglement van Esdégé-Reigersdaal is van toepassing.
Visie Esdégé-Reigersdaal

Esdégé-Reigersdaal is een visie gestuurde organisatie.

Onze visie:
Alle mensen zijn gelijkwaardig, elk mens is uniek.

Daarom heeft iedereen recht op:

  • respect
  • ontplooiing
  • een volwaardige plaats in de samenleving
  • relaties met andere mensen
  • eigen keuze


Dit betekent dat wij:

  • het individu respecteren
  • inspelen op de mogelijkheden van het individu
  • ondersteuning bieden bij het maken van keuzes
  • uitgaan van het gewone en speciale voorzieningen treffen waar nodig
  • ondersteuning bieden bij het aangaan en behouden van relaties
  • gericht zijn op een volwaardige plaats voor het individu in de samenleving


Volwaardig burgerschap van mensen met een beperking vinden wij belangrijk. Daarom werken we mee aan normalisatie en integratie. Mensen krijgen bij ons de ruimte om passende ondersteuning te organiseren. Zoveel mogelijk beslissingen worden genomen in de omgeving van de cliënt, waar immers de ondersteuningsvragen worden geformuleerd. Van medewerkers verwachten we dat ze cliënten vanuit deze visie respectvol ondersteunen.

Totale Communicatie

Totale Communicatie is het ondersteunen en bevorderen van communicatie met diverse middelen zoals foto`s, pictogrammen, gebaren, verwijzers en geschreven taal. Totale Communicatie wordt vooral gebruikt bij mensen met een verstandelijke beperking, kinderen met spraak/taal moeilijkheden en bij mensen met afasie of dementie

Gentle Teaching

Gentle Teaching (McGee, 1992) is een methodiek die veel voorkomt bij het begeleiden van mensen met een verstandelijke beperking. De methodiek is gebaseerd op de Psychologie van wederzijdse afhankelijkheid. Hierbij gaat men ervan uit dat ieder mens de behoefte heeft zich verbonden te voelen met anderen in wederkerige en gelijkwaardige relaties. Bij Gentle Teaching is een veilige en liefdevolle relatie de basis voor de ontwikkeling van de cliënt.

De begrippen die bij Gentle Teaching centraal staan zijn:

  • We respecteren elkaar
  • We accepteren elkaar
  • We proberen elkaar te begrijpen
  • We waarderen elkaar
  • We geven elkaar zelfvertrouwen
  • We proberen elkaar vooruit te helpen
LACCS

Het LACCS-programma richt zich op de kwaliteit van leven van cliënten met EVMB. Binnen het programma wordt er aan de hand van vijf gebieden gekeken hoe goed het leven van de cliënt is. De vijf gebieden sluiten aan bij algemene menselijke behoeften. De gebieden zijn:

  • Lichamelijk welzijn
  • Alertheid
  • Contact
  • Communicatie
  • Stimulerende tijdsbesteding

Door bewust te kijken naar deze vijf gebieden en hoe ze voor een cliënt verbeterd kunnen worden, werken alle betrokken samen aan een goed leven voor de cliënt. Per gebied zijn er een aantal waarden geformuleerd die helpen om concreet te kijken naar de kwaliteit van het leven van de cliënt. De vijf LACCS-gebieden zijn allen even belangrijk.

Het LACCS-programma kenmerkt zich door een zeer cliëntgerichte ondersteuning. De vijf gebieden hebben een directe relatie met het dagelijks leven van de cliënt. Het zien van ontwikkelmogelijkheden, hoe klein dan ook, speelt binnen het LACCS-programma een belangrijke rol.

Meer info:

Ga naar de inhoud